Nieuwsupdate 16
Coronanieuwsbrief – Kabinet versterkt vangnet voor bedrijven en banen
Het kabinet breidt het steun- en herstelpakket voor banen en economie op delen verder uit. Ook ziet het af van de geplande versoberingen van de steunmaatregelen. Er komt extra tegemoetkoming voor bedrijven met hoge omzetverliezen, bijvoorbeeld omdat zij door de coronamaatregelen gesloten zijn. Met deze uitbreiding en versterking van het vangnet wil het kabinet zoveel mogelijk voorkomen dat Nederlanders hun baan of bedrijf verliezen, nu het virus langdurig impact heeft op delen van de economie.

1.    Geen versobering NOW-regeling
2.    Uitbreiding TVL
3.    TVL seizoensmodule evenementenbranche
4.    Uitstel van betaling belastingen
5.    Introductie TONK
6.    Uitbreiding overige fiscale maatregelen
7.    Krediet ten behoeve van vouchers reisbranche

1. Geen versobering NOW-regeling

De NOW-regeling is een tegemoetkoming in de loonkosten voor bedrijven met een substantiële omzetdaling door de coronacrisis en geldt voor drie periodes van drie maanden (oktober t/m december 2020, januari t/m maart 2021 en april t/m juni 2021). NOW 3.0 loopt door tot en met juni 2021. Besloten is dat de regeling voorlopig niet wordt versoberd.

Dit betekent dat het omzetverlies in de tweede periode januari t/m maart 2021 minimaal 20% moet bedragen om voor de NOW in aanmerking te komen, in plaats van de eerder bekendgemaakte 30%. Ook de maximale compensatie van de loonkosten blijft op het huidige niveau van 80% gehandhaafd en neemt dus niet af naar 70%.

Of de aangekondigde versobering voor de periode april t/m juni 2021 in stand blijft, is nog niet bekend. Verder blijven de overige voorwaarden inzake de regeling gelijk. De loonsomvrijstelling – het bedrag waarmee de loonsom mag dalen zonder dat dit gevolgen heeft voor de NOW – blijft dan ook 10%. De forfaitaire opslag op het loon – de toeslag op het loon vanwege bijkomende kosten voor werkgeverslasten, zoals vakantiegeld – blijft 40%. Ook blijft de maximale vergoeding tweemaal het dagloon bedragen.

Wat betreft de bepaling van de omzet voor de NOW is verduidelijkt dat vijf Corona gerelateerde subsidies als ‘omzet’ aangemerkt moeten worden en daarmee de tegemoetkoming verminderen. Dit betreft de TVL en de TOGS-regeling (regeling voorafgaand aan de TVL), de Regeling continuïteitsbijdrage zorg, de beschikbaarheidsvergoeding OV-bedrijven en de Tegemoetkoming sierteelt en voedingstuinbouw. De TOZO, ziekengeld en LIV behoren NIET tot de omzet

2. Uitbreiding TVL

De Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) wordt met terugwerkende kracht tot 1 oktober 2020 uitgebreid. Ook de TVL kent drie periodes van drie maanden. Dit zijn de periodes oktober t/m december 2020, januari t/m maart 2021 en april t/m juni 2021.

De TVL kent voor de periode 1 oktober t/m 31 december 2020 en voor de periode van 1 januari 2021 t/m 31 maart 2021 een subsidie van maximaal € 90.000 voor drie maanden bij een omzetverlies van minstens 30%. Dit minimale percentage aan omzetverlies blijft ook vanaf januari 2021 gehandhaafd en wordt dus niet verhoogd naar 40%, zoals oorspronkelijk de bedoeling was.

Via de TVL krijgt een bedrijf een oplopend percentage van de vaste lasten vergoed. Door de aanpassing van de regeling loopt dit op van 50% bij een omzetverlies van 30% tot maximaal 70% bij een omzetverlies van 100%. Voor reeds ingediende aanvragen wordt automatisch uitgegaan van de nieuwe percentages.

Voorbeeld: Bij 65% omzetverlies ontvangt een bedrijf 65% x 60% = 39% vergoeding via de TVL voor de vaste lasten. Onder de oude regeling werd 50% van de vaste lasten vergoed, waardoor bij een omzetverlies van 65% slechts 32,5% (65% x 50%) van de vaste lasten vergoed werd. In dit voorbeeld is er dus sprake van een extra vergoeding van 6,5% van de vaste lasten.

Het percentage vaste lasten van een onderneming is afhankelijk van de sector en wordt bepaald op basis van cijfers van het CBS.

De TVL blijft ook in de periode januari t/m maart 2021 toegankelijk voor alle sectoren met voldoende omzetverlies, dat wil zeggen minstens € 3.000 per periode van drie maanden. Dit betekent dat de verruiming tot alle sectoren in ieder geval van kracht is voor de periode oktober 2020 t/m maart 2021 en dat de TVL dus ook voor de periode januari t/m maart 2021 niet meer afhankelijk is van de SBI-code van een bedrijf.

3. TVL seizoensmodule evenementenbranche

Eerder was de zogenaamde seizoensmodule (binnen de TVL) voor de evenementenbranche al aangekondigd voor het vierde kwartaal 2020. De exacte voorwaarden zijn nu bekend geworden en tevens is gemeld dat deze module ook blijft bestaan voor het eerste kwartaal van 2021. Met deze module kunnen evenementenbedrijven waarvan de omzet sterk afhankelijk is van het zomerseizoen, toch aanspraak maken op de TVL. De seizoensmodule is bedoeld voor bedrijven die wel in aanmerking zijn gekomen voor de TVL 1.0 en deze toegekend hebben gekregen, maar niet in aanmerking komen voor de TVL in het vierde kwartaal van 2020 vanwege een te lage referentieomzet in het vierde kwartaal van 2019.

De module geldt voor organisatoren en toeleveranciers van publieke evenementen. Hieronder vallen onder meer kermissen, sportevenementen en festivals, maar ook voor het publiek toegankelijke congressen en beurzen. Besloten evenementen, zoals bruiloften, bedrijfsfeesten e.d. vallen hier niet onder. De eerder aangekondigde afbakening op basis van SBI-codes is vervallen.

Voorwaarde voor de tegemoetkoming is dat ondernemers voor minimaal 50% van hun omzet in het tweede en derde kwartaal van 2019 afhankelijk zijn geweest van evenementen georganiseerd in diezelfde periode in 2019. De subsidie voor ondernemers die in aanmerking komen voor de evenementenmodule bedraagt 33,3% van de subsidie die de ondernemer ontving vanuit de TVL1.0, met een minimum van € 750. In de berichtgeving richting de Tweede Kamer is expliciet aangegeven dat de TVL 1.0 ook daadwerkelijk moet zijn toegekend. Dit lijkt nadelig uit te pakken voor ondernemers die wel recht hadden op TVL 1.0, maar die niet hebben aangevraagd.

Omdat eerst goedkeuring van de Europese Commissie moet worden verkregen, kan de regeling vermoedelijk pas vanaf de 2e helft januari 2021 worden aangevraagd voor het vierde kwartaal van 2020. De aanvraag voor het eerste kwartaal 2021 volgt dan in februari.

4. Uitstel van betaling belastingen

Uitstel van betaling van belastingschulden is nu mogelijk tot 1 april 2021. Dat was eerder tot en met 31 december 2020. Dit betekent dat ondernemers tot uiterlijk 1 april 2021 uitstel van betaling of een verlenging van al verleend uitstel kunnen aanvragen.

Voor ondernemers die na 1 januari 2021 voor de eerste keer uitstel aanvragen, betekent dit dat zij tot 1 april 2021 niet aan hun nieuwe betalingsverplichtingen hoeven te voldoen.

Ondernemers die al eerder een aanvraag voor drie maanden hadden ingediend, kunnen verlenging van het uitstel tot 1 april 2021 aanvragen.

Voor ondernemers die eerder dit jaar al verlenging hebben gekregen, geldt het uitstel nu automatisch tot 1 april 2021.

De opgebouwde belastingschuld tijdens de periode van het uitstel moet vanaf 1 juli 2021 in 36 maandelijkse termijnen worden afbetaald. Dit blijft ongewijzigd.

5. Introductie TONK

Door de coronacrisis komen huishoudens soms in financiële moeilijkheden, terwijl bestaande sociale zekerheidsregelingen in bepaalde gevallen toch geen soelaas bieden. Er komt daarom een nieuwe regeling, de Tijdelijke Ondersteuning Noodzakelijke Kosten (TONK) voor huishoudens die door de coronacrisis in ernstige financiële problemen dreigen te komen. De TONK zal naar verwachting per 1 februari 2021 in werking treden.

De TONK zal door de gemeenten worden uitgevoerd via het bestaande instrument van de bijzondere bijstand. Gemeenten kunnen bijzondere bijstand verstrekken als het voor huishoudens door bijzondere omstandigheden niet meer mogelijk is om de noodzakelijke kosten te betalen. Gemeenten hebben daarbij wel eigen beleidsruimte. Om huishoudens tegemoet te komen, wordt met gemeenten gekeken hoe de gemeentelijke beleidsregels – waar nodig – tijdelijk verruimd kunnen worden.

De TONK staat in beginsel open voor iedereen, dus bijvoorbeeld ook voor zelfstandigen en flexwerkers. De TONK kan in principe ook een oplossing bieden in gevallen waarbij vanwege quarantaineverplichtingen inkomensverlies wordt geleden.

6. Uitbreiding overige fiscale maatregelen

De meeste fiscale maatregelen lopen per 31 december 2020 af. Het kabinet verlengt daarom een aantal fiscale maatregelen tot 1 april 2021. Het gaat daarbij om het uitstel van administratieve verplichtingen rondom de loonheffingen, dat blijft gehandhaafd tot 1 april 2021 in plaats van tot 1 januari 2021. De verlenging tot 1 april 2021 geldt ook voor het akkoord met Duitsland en België over de belastingheffing van grenswerkers, de vrijstelling voor een aantal Duitse netto-uitkeringen, het btw-nultarief op mondkapjes en het behoud van het recht op hypotheekrenteaftrek voor huizenbezitters bij een hypotheek-betaalpauze.

Verder geldt er tot 1 april 2021 een btw-tarief van 0% op COVID-19-vaccins en -testkits.

Verder is besloten om de eenmalige tegemoetkoming voor de horeca voor voorraad- en aanpassingskosten vrij te stellen voor de winstbelasting. Deze tegemoetkoming bedraagt 2,8% van het omzetverlies in de periode oktober tot en met december 2020, en wordt automatisch toegevoegd aan de TVL over het vierde kwartaal 2020.

7. Krediet ten behoeve van vouchers reisbranche
 
Er komt een zogenaamde voucherkredietfaciliteit voor de reisbranche. Hiermee kunnen reisgarantiefondsen een aanvullende lening van de overheid krijgen, waarmee ze vervolgens een lening kunnen verstrekken aan reisorganisaties voor het terugbetalen van vouchers aan consumenten.

Het krediet kan alleen gebruikt worden voor het terugbetalen van vouchers. De vouchers moeten zijn afgegeven in de periode van 12 maart t/m 31 december 2020. Het maximaal te financieren bedrag per onderneming is 80% van de waarde van de vouchers. Per reisorganisatie kan maximaal € 50 miljoen krediet worden verkregen. Voorwaarde voor een lening is dat de onderneming voorafgaand aan de uitbraak van het coronavirus in de kern gezond was. De leningen dienen in zes jaar te worden afgelost, waarbij nog wordt nagedacht over de te betalen rente en over voorwaarden en aanvullende eisen, zoals een verbod op het uitkeren van dividenden of bonussen.


Indien het bovenstaande niet op u van toepassing is dan kunt u deze
e-mail als niet verzonden beschouwen.

Heeft u vragen? Bel ons of neem contact op met uw relatiebeheerder bij
Daamen & van Sluis Accountants Belastingadviseurs
T +31(0)10 458 11 44
E info@daasluis.nl